‘Ordinary Things (that happened in the childhood home of the maker of this film)’ tekst door Liene Aerts

Rachel Gruijters, de maker van de film, schrobt een tegelvloer schoon tot deze glanst als een spiegel. In de weerspiegeling verschijnt Joan Crawford. Ze vatten samen een sentimentele reis aan in de wereld van het Klassieke Hollywood en Alledaagse Dingen. Ergens tussen de jaren ‘40 en nu in beginnen de camera’s te draaien, de studiovloer blinkt, de spots branden, de vertelstem valt in.

De verteller schetst een portret van het verleden van de maker van de film en in het verlengde daarvan deze van Joan Crawford, Bette Davis en Marlene Dietrich. De vier protagonisten verzamelen op één set, een constructie van een huis van drie verdiepingen hoog in een klein dorp in een doodlopende straat. De schaars bemeubelde woonkamer kijkt uit op een tuin en wordt afgestoft door Bette. Marlene poseert tegen de keukenmuur terwijl ze wentelteefjes maakt. Al poetsend zit Joan gehurkt op de studiovloer. In de kleedruimte past Rachel deze opeenvolgende rollen en kledingstukken aan.

Terwijl de verteller de huiselijke herinneringen van de maker vertolkt, verrichten Joan, Bette en Marlene in stilte hun huishoudelijk werk. Na het poetsen, dept de anders zo glamoureuze Joan het zweet van haar voorhoofd en zucht. Naar verluidt, hield ze er thuis een obsessie voor orde en netheid op na. De sigaret van de al even perfectionistische Bette ligt losjes op de lippen, haar ogen trekken lichtjes samen wanneer ze ervan trekt. Ook zij werpt de blik op oneindig, haar gedachten verzonken onder vele lagen make-up. Marlene verdiept zich zelfzeker in haar eigen spiegelbeeld en stuurt de manier waarop haar gezicht het licht hoort te vangen bij.

Terwijl de ene ‘set still’ plaats maakt voor de andere, loopt Rachel naadloos over in Joan, Bette en Marlene alsof hun individuele geschiedenissen inwisselbaar zijn. Samen representeren ze het plaatje van ‘the maker at home’. De set valt samen met het decor, het acteren met het in scène zetten, de maker van de film met de sterren van weleer, de herinneringen van de maker met de holle kamers waarin ze zich huishouden.

Aan deze karaktertekeningen ging een minutieuze, maandenlange studie vooraf naar de persoonlijkheid, houding en mimiek van de sterren. Uit een fascinatie voor de algehele constructie die Hollywood en bij uitbreiding ‘the perfect Hollywood home’ is, kroop de maker onder de huid van deze drie actrices en hun zogenaamde privéleven. Hun kleinste trekjes worden zo sprekend en typerend in beeld gebracht dat het artificieel wordt. Het huis is niet huiselijk. Het speelt ‘huisje’ en de bewoners spreken Hollywoods. Ze etaleren haar technieken en trucs zoals een feilloos uitgevoerde filmblik in close-up en zwart-wit, theatraal en tijdloos. Soms kijkt een gezicht in de camera of stopt de camera met draaien alsof er een voor en een na is, een on- of off-screen persoonlijkheid. Ieder zorgvuldig uitgekozen detail vertelt iets over de persoon die in beeld wordt gebracht, een spoor dat uiteindelijk altijd terugleidt naar de maker achter de machine. Een enkele keer denken we een glimp van haar op te vangen, verstopt achter een kwetsbare stilte of een oogopslag op een onbewaakt moment.

Wat hebben Hollywood, huisvlijt en het hier vertelde verleden met elkaar gemeen? De maker van de film die het uitkloppen en opvouwen van doeken als een metafoor gebruikt voor het afstoffen en opblinken van herinneringen en hoe ook het geheugen een constructie is. ‘Mrs Gruijters cleans your whole house and every memory in it.’ Ze verzamelt hersenspinsels als kruimels om deze daarna weer selectief door elkaar te roeren. Ze tovert haar verleden tevoorschijn als een boeket bloemen die zich van haar beste kant laat zien. We hebben het raden naar wat er zich achter het bloemenbehang afspeelt, of het boeket bloemen überhaupt echt is… Het geheugen heeft haar eigen manier van werken: het selecteert, wijzigt, minimaliseert, vergroot uit, maar creëert uiteindelijk altijd haar eigen realiteit. Of zoals de maker zichzelf luidop afvraagt: “Strange what we remember, isn’t it?” Filmpellicule stopt met lopen, de eigenlijke camera draait verder en vangt nog net haar laatste blik.

 

Tekst: Liene Aerts